Ballondilatatie en (eventuele) stenting
Wat is een ballondilatatie en stentplaatsing?
Een ballondilatatie is een behandeling van vernauwde of verstopte slagaders in de benen. We gebruiken een klein ballonnetje om het verstopte bloedvat te verwijden, zodat het bloed weer vlot door het bloedvat kan stromen. De behandeling wordt soms gecombineerd met het plaatsen van een stent, een metalen buisje, om de vernauwing permanent open te houden.

Hoe verloopt de ingreep?
De ingreep, ook wel dotteren genoemd, gebeurt bijna altijd onder verdoving. De manier van verdoven hangt af van de noden van de patiënt en kan volledig zijn, via een ruggenprik of met lokale verdoving. Vervolgens wordt via een kleine prik in de liesslagader een ballonnetje naar de vernauwde plek geleid en opgeblazen, waardoor de slagader weer ruim genoeg wordt voor een goede bloedstroom.
Soms is het nodig om in de opengemaakt arterie een stent achter te laten. Dat is een soort metalen spiraaltje dat de behandelde vernauwing openhoudt.
Aan het einde van de ingreep wordt het gaatje in de slagader afgesloten met een drukverband of een speciaal propje. Het gebruik van bloedverdunners wordt zorgvuldig afgestemd, om te vermijden dat de behandelde vernauwing opnieuw dichtklontert.
Wanneer kiezen we voor een stent?
Soms is een ballondilatatie alleen niet voldoende om een vernauwde slagader open te houden. In dat geval kan er tijdens dezelfde ingreep een stent geplaatst worden. Dat is een klein buisvormig steuntje dat de behandelde vernauwing ondersteunt zodat het bloed opnieuw vlot kan doorstromen.
Een stent wordt alleen geplaatst wanneer dat écht nodig is. We beslissen dat tijdens de ingreep, wanneer duidelijk wordt dat de slagader niet open blijft. Bij voorkeur wordt er geen stent gebruikt, omdat een stent lichaamsvreemd materiaal is. Hoewel problemen daarbij zeldzaam zijn, is het altijd beter wanneer de slagader vanzelf open kan blijven.
Hoe verloopt het herstel?
Tijdens de eerste uren na de ingreep is het belangrijk om op de rug te blijven liggen. Het been van de lies die aangeprikt is, mag namelijk niet opgetrokken of geplooid worden. De drukverbanden mogen enkel verwijderd worden door een verpleegkundige. Zo vermijd je nabloedingen.
Je kunt wel voorzichtig bewegen in bed of rechtop gaan zitten, maar doe dat altijd volgens de instructies van de verpleegkundige. Zodra het risico op een nabloeding voorbij is, mag je eten en drinken.
Als je behandeld werd via een dagopname, mag je naar huis zodra het been goed wakker is, je kan eten en drinken en normaal kan plassen. Als de ingreep via hospitalisatie gebeurde, dan blijf je een nacht in het ziekenhuis en kan je ‘s anderendaags naar huis.
Bij je ontslag krijg je een controleafspraak bij de vaatchirurg mee, zodat je herstel goed opgevolgd kan worden.
Als je thuis bent, mag je al meteen licht bewegen. Met grotere inspanningen, zoals bv. fietsen of autorijden, wacht je best ongeveer een week.
De pijn blijft normaal lokaal en kan goed verlicht worden met gewone pijnstillers, zoals paracetamol.
Je ziet waarschijnlijk een blauwe plek verschijnen op de plaats waar we de arterie aanprikten, vaak in de lies. Dat is zeer normaal en onschuldig.
Belangrijke informatie
Neem je bloedverdunners? Laat dat zeker weten aan je chirurg of huisarts, zodat zij kunnen bekijken of dat de operatie of je herstel in het gedrang kan brengen.